Van Brugge tot Atrecht

Het middeleeuwse graafschap Vlaanderen was geen onveranderlijk gebied. De grafelijke macht groeide vanuit kustgouwen, burchten, abdijen en steden en verschoof mee met oorlog, huwelijk en leenpolitiek.

Brugge

Brugge groeide uit tot een belangrijk grafelijk en economisch centrum. De burcht en de nabijgelegen kerkelijke instellingen speelden een centrale rol in het bestuur van het kustgebied.

Gent

Gent was door zijn abdijen, burcht en ligging aan Schelde en Leie een tweede machtscentrum. De Sint-Pieters- en Sint-Baafsabdij waren belangrijk voor memoria, bezit en grafelijke representatie.

Sint-Omaars

Sint-Omaars lag in het zuidwestelijke deel van het graafschap en ontwikkelde zich rond de abdij van Sint-Bertinus tot een belangrijk religieus en stedelijk centrum.

Atrecht

Atrecht en het omliggende Artesië behoorden in verschillende perioden tot de zuidelijke invloedssfeer van de Vlaamse graven. Juist hier werd de verhouding tot de Franse koning zichtbaar.

Kassel

Bij Kassel werd in 1071 een beslissende veldslag uitgevochten. Robrecht de Fries versloeg er de partij van zijn neef Arnulf III en verwierf daarna het graafschap.

West-Frisia en Egmond

Door het huwelijk van Hildegard van Vlaanderen met Dirk II reikte het dynastieke netwerk noordwaarts. De schenking van het Egmondse evangelieboek verbindt het echtpaar met de abdij van Egmond.

Een grensgraafschap

De Vlaamse graven bewogen tussen twee grotere machtswerelden. Hun kerngebied was verbonden met West-Francië en later Frankrijk, terwijl delen van hun bezittingen en politieke relaties ook op het Duitse Rijk waren gericht. Daarom moeten moderne landsgrenzen niet zonder meer op de situatie van de negende tot twaalfde eeuw worden toegepast.