Zestiende-eeuwse hoofdtak · vermeld 1513–1547

Johan van Groesbeeck

Heer van Heumen, Malden, Beek en Groesbeek · drost van Stokkem · echtgenoot van Bertha van Ghoor

Op 27 oktober 1513 werd Johan van Groesbeeck beleend als heer van Heumen, Malden en Beek, met rechten in Groesbeek. Een jaar later werden zijn huwelijkse voorwaarden met Bertha van Ghoor opgesteld.

Van het Rijk van Nijmegen naar Stokkem

Een akte van 21 maart 1527 noemt hem als ‘Johan van Groesbech, Her to Groesbeck, Drost tot Stockum’. Daarmee is zijn ambt als drost van Stokkem rechtstreeks gedocumenteerd. Het vaak genoemde hoge gericht in Groesbeek in hetzelfde jaar is in dit onderzoek nog niet tegen de oorspronkelijke verleningsakte gecontroleerd.

Bevestiging door Karel V

In 1547 bevestigde keizer Karel V de familie in de heerlijkheden Heumen, Malden, Beek en Groesbeek. De hoofdtak bewoog inmiddels in een gebied dat zowel Gelre, Kleef als het Land van Loon omvatte.

Een invloedrijke volgende generatie

Onder de kinderen van Johan en Bertha bevonden zich Gerard, later prins-bisschop van Luik en kardinaal, en Seger, die in 1568 als plaatsvervangend gouverneur en militair bevelhebber aan koninklijke zijde optrad.

Bronkritiek. Het drostambt is rechtstreeks gedocumenteerd. De toekenning van het hoge gericht wordt voorlopig als lokale historische overlevering vermeld.

Bronnen

  • Gelderse Rekenkamer, belening van 27 oktober 1513.
  • Gelders Archief, Cannenburg inv. nr. 742, regest 57, 29 augustus 1514.
  • Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Duché de Limbourg 12 (1875), p. 430.
  • Archief Heerlijkheid Heumen, inv. nr. 2340, 10 september 1547.