Kessel en Viller · 1688–1770

Johannes (Jan) van de Loe

Geboren op de Schaerhof · pachter van de Klookenhof · vanaf 1749 verbonden met de Kreitsche Kathe (Kreithof) te Viller

Johannes (Jan) van de Loe werd op 28 februari 1688 gedoopt en overleed op 4 juli 1770, 82 jaar oud. Hij was een zoon van Petrus (Pet) van de Loe en Maria van Schevick, de generatie waarmee de familie Van de Loe zich op de Schaerhof te Kessel had gevestigd.1

Johannes zou echter niet degene zijn die de Schaerhof voortzette. Zijn levensloop voerde hem naar Viller, waar hij eerst als pachter en later op een eigen hof een nieuwe familietak vormgaf.

Geboren op de Schaerhof

Johannes werd geboren in een gezin waarin de families Van de Loe en Van Schevick nauw met elkaar verweven waren. Zijn vader Petrus was in 1681 met Maria van Schevick getrouwd en werd daarmee de eerste Van de Loe die door dit huwelijk met de hofopvolging van de Schaerhof verbonden raakte.2

Johannes heeft zijn vader nauwelijks kunnen kennen. Petrus overleed op 8 juli 1688, slechts enkele maanden na Johannes’ geboorte. Zijn moeder bleef op de Schaerhof wonen en hertrouwde in 1689 met Willem Hermens.

Zijn oudere broer Engel van de Loe bleef uiteindelijk met de Schaerhof verbonden. Voor Johannes lag elders een toekomst.

Schema van de dubbele verwantschap tussen de families Van de Loe en Van Schevick
De familie Van de Loo: twee takken, één huwelijk. Het schema maakt zichtbaar hoe de familielijnen zich splitsten en later opnieuw samenkwamen, met twee nauwe bloedverwantschappen in de voorafgaande generaties.

Van de Schaerhof naar Viller

Johannes vestigde zich in Viller, het oude buurtschap tussen Kessel en Hommersum. Hij werd daar pachter van de Klookenhof.

Dat deze hof daadwerkelijk bij Kessel bestond, blijkt niet alleen uit de latere familiegeschiedenis. Ook het monumentale overzicht Die Kunstdenkmäler des Kreises Kleve vermeldt expliciet een “Klookenhof bei Kessel”. Daarmee hebben we voor de locatie een bron die onafhankelijk is van de Loo-Kroniek.3

Johannes trouwde met Grietje van Baal, die in de bronnen ook voorkomt als Gritje, Gerarda, Gerritje en Margaretha van Baal. Het echtpaar kreeg meerdere kinderen. Doordat Viller tussen Kessel en Hommersum lag, komen hun kinderen in de kerkelijke administratie van beide parochies voor.4

Onder hen waren Petronella, Heinrich en Petra. Voor de stamreeks die op deze website wordt gevolgd is vooral hun zoon Wilhelmus van de Loe (1731–1795) van belang.

De gebeurtenissen van 1749

Het jaar 1749 betekende een omslag in het leven van Johannes.

Volgens de overgeleverde lokale en familiehistorische gegevens behoorde de Klookenhof aan de familie Van Nievenheim. Financiële en juridische problemen rond het bezit leidden ertoe dat de hof publiekelijk werd verkocht. Als gevolg daarvan verloor Johannes de grond die hij tot dan toe als pachter had gebruikt.5

De gedetailleerde toedracht — waaronder de genoemde schuld van 2.388 Reichstaler, de precieze partijen in het geschil en de verkoop aan Mathias Thijssen — is vooralsnog vooral via de Loo-Kroniek en de daarin gebruikte lokale bronnen overgeleverd. Zolang de oorspronkelijke gerechtelijke of verkoopakte niet is teruggevonden, moeten deze details daarom niet als onafhankelijk geverifieerde archieffeiten worden gepresenteerd.

Bronkritiek. Het bestaan van de Klookenhof kunnen we onafhankelijk bevestigen; de precieze gang van zaken bij de verkoop in 1749 verdient nog nader archiefonderzoek.

De Kreitsche Kathe

Johannes en Grietje bleven niet zonder eigen bedrijf achter. Volgens de familieoverlevering kochten zij in hetzelfde jaar 1749 van mevrouw Von Kaltenhausen de Kreitsche Kathe, later ook Kreithof genoemd.6

Hiermee veranderde Johannes’ maatschappelijke positie wezenlijk. Waar hij op de Klookenhof afhankelijk was geweest van een verpachter, beschikte het gezin nu over een eigen hof.

Een belangrijke bron voor de lokale geschiedenis van Viller en Hommersum is het werk van pastoor Heinrich Viktor Huyskens (1817–1892). Huyskens was van 1868 tot zijn dood pastoor in Hommersum en hield zich intensief bezig met de geschiedenis en archeologie van de streek. Zijn historische belangstelling is ook onafhankelijk gedocumenteerd; moderne Duitse erfgoedpublicaties gebruiken zijn manuscript nog steeds als bron voor de vroege geschiedenis van Hommersum en omgeving.7

Huyskens schreef echter ongeveer een eeuw ná Johannes. Zijn mededelingen zijn daarom waardevolle lokale geschiedschrijving, maar kunnen niet zonder meer gelijkgesteld worden aan een achttiende-eeuwse primaire bron.

Een gezin tussen Kessel en Hommersum

Johannes en Grietje kregen meerdere kinderen. Uit doopgegevens en de gereconstrueerde familielijn kennen we onder anderen:

  • Petronella van de Loe, gedoopt in 1719;
  • Heinrich van de Loe, gedoopt in 1720;
  • Petra van de Loe, gedoopt in 1726;
  • Wilhelmus van de Loe (1731–1795).

De namen van de doopgetuigen laten bovendien zien hoe sterk de families Van de Loe, Van Schevick en Van Baal in deze kleine Nederrijnse gemeenschap met elkaar verbonden bleven.

Overlijden

Johannes van de Loe overleed op 4 juli 1770, volgens de genealogische overlevering op de Kreithof. Hij bereikte de voor die tijd aanzienlijke leeftijd van 82 jaar.

Zijn levensloop markeert een interessante overgang binnen de familiegeschiedenis. Hij werd geboren op een oude erfpachthof die via zijn moeder in de familie was gekomen, verloor later zijn bestaan als pachter op een andere hof, maar wist vervolgens met zijn vrouw een eigen boerenbedrijf op te bouwen.

Daarmee ontstond vanuit de Schaerhof-generatie een nieuwe lijn in Viller.

Bronnen en noten

  1. Genealogische reconstructie. Loo-Kroniek 49 en 64. Voor de doopdatum is 28 februari 1688 aangehouden, overeenkomstig de eerder gereconstrueerde familielijn.
  2. Familieonderzoek en lokale geschiedenis. Loo-Kroniek 64; aanvullende documentatie over de Schaerhof en de familie Van Schevick.
  3. Onafhankelijke historische bron. Paul Clemen e.a., Die Kunstdenkmäler des Kreises Kleve, met vermelding van de “Klookenhof bei Kessel”.
  4. Kerkelijke gegevens via familieonderzoek. Loo-Kroniek 49, p. 31–33, met verwijzingen naar de doopinschrijvingen van het gezin in Kessel en Hommersum.
  5. Lokale en familiehistorische reconstructie. Loo-Kroniek 49, p. 31–33. De oorspronkelijke gerechtelijke/verkoopakte van 1749 is voor deze versie nog niet rechtstreeks gecontroleerd.
  6. Lokale overlevering. Loo-Kroniek 49, mede gebaseerd op de negentiende-eeuwse historische aantekeningen van pastoor Viktor Huyskens.
  7. Aanvullende onafhankelijke controle. Biografische gegevens over Heinrich Viktor Huyskens en moderne lokale erfgoedpublicaties over Hommersum en Viller.
Bronkritische verantwoording. Deze biografie gebruikt de Loo-Kronieken als belangrijke familiehistorische bron, maar volgt hun tekst niet als doorlopende basis. Waar mogelijk zijn plaats, context en personen met onafhankelijke historische bronnen gecontroleerd. Details waarvoor de oorspronkelijke achttiende-eeuwse akte nog niet rechtstreeks is ingezien, worden uitdrukkelijk als reconstructie of overlevering aangeduid.