Vijftiende-eeuwse stamvader · ca. 1445–in of vóór 1509
Bruen van den Loe
Natuurlijke zoon van ridder Johan van den Loe · richter te Weeze · leenman en grondbezitter · stamvader van het niet-adellijke geslacht Van de(r) Loo
Bruen van den Loe werd omstreeks 1445 geboren en overleed in of vóór 1509. Hij was een natuurlijke zoon van ridder Johan van den Loe. Zijn afstamming plaatste hem dicht bij het adellijke Huis Van den Loe, maar buiten de wettige erfopvolging daarvan. In de bronnen verschijnt Bruen niettemin als een man met aanzien: als richter te Weeze, als leenman en als bezitter van omvangrijke goederen. Samen met Itgen (Ida) van Groesbeeck werd hij stamvader van de niet-adellijke familie Van de(r) Loo.1
Geboorte en afkomst
Bruens vader was ridder Johan van den Loe, heer uit de familie die in de vijftiende eeuw nauw met Wissen verbonden raakte en als hofmeester in Kleefse dienst optrad. Bruen wordt in de overgeleverde familie- en archieftraditie uitdrukkelijk als diens natuurlijke, dus buitenechtelijke, zoon aangeduid.2
De identiteit van zijn moeder staat veel minder vast. Het onderzoek van de familie Van de(r) Loo zoekt haar in het riddermatige geslacht Van Abroeck, mogelijk onder de dochters van Henrick van Abroeck. Daarvoor bestaan indirecte aanwijzingen, maar geen bekende contemporaine akte die haar ondubbelzinnig identificeert. Ook de website van Schloss Wissen behandelt Bruen als Johans buitenechtelijke zoon, maar biedt voor de naam van zijn moeder geen zelfstandig sluitend bewijs.3
Een natuurlijke zoon die zijn afkomst niet verborg
Bruens bijzondere juridische positie blijkt uit de terminologie van de tijd. In een akte noemt hij zichzelf “natuerlicke Soen Heren Jans van die Loe”; bij de belening met Abroeck duidt zijn halfbroer Wessel hem aan als “bastart broeder”.4 Zulke woorden moeten in hun laatmiddeleeuwse context worden gelezen: zij maakten duidelijk dat de biologische verwantschap werd erkend, maar dat Bruen niet uit een wettig huwelijk was geboren.
De naam Bruen
De voornaam Bruen of Bruno is opvallend. In de Loo-Kroniek is de hypothese ontwikkeld dat de naam verband houdt met de heilige Bruno, stichter van de kartuizerorde, voor wie ridder Johan bijzondere belangstelling zou hebben gehad. Daarbij wordt gewezen op Johans schenkingen aan de kartuizers.5
Dit is een aantrekkelijke verklaring, maar geen vastgesteld historisch feit. Er is voor zover hier bekend geen contemporaine bron waarin Johan zelf verklaart waarom hij zijn zoon Bruen noemde. De naamkundige verklaring moet daarom als hypothese worden behandeld.
Abroeck
Een beslissend moment in Bruens leven was zijn verbinding met het goed Abroeck bij Weeze. Nadat Henrick van Abroeck was overleden en de opvolging problematisch was geworden, kwam het goed bij de heren Van den Loe van Wissen terecht. In 1489 werd Bruen met Abroeck beleend. Het was een zeer omvangrijk leengoed en werd zo belangrijk voor zijn nakomelingen dat zij in latere documenten geregeld als Van den Loe van Abroeck of eenvoudig Van Abroeck worden aangeduid.6
De relatie tussen Bruen en Abroeck wordt niet alleen door de familiepublicaties beschreven. De officiële historische presentatie van Schloss Wissen bevestigt dat Bruen, de buitenechtelijke zoon van Johan, het hofgoed Abroeck als leen ontving nadat de eerdere leenhouder was overleden en diens erfgenamen het zwaar belaste bezit niet wilden overnemen.7
Richter te Weeze
Bruen trad gedurende meerdere jaren op als richter te Weeze. Een bijzonder sterk onafhankelijk aanknopingspunt is een oorkonde van het klooster Graefenthal van 13 november 1489. In de gepubliceerde oorkondenuitgave treedt “Bruyn van den Loe, basterd” daarin op als richter te Weeze en als medezegelaar.8
Ook de digitale archiefbeschrijvingen van het Landesarchiv Nordrhein-Westfalen bevatten meerdere regesten waarin Bruyn vanden Loe expliciet als richter te Weeze optreedt. Daarmee rust zijn bestuurlijke functie niet alleen op de latere genealogische literatuur, maar ook op onafhankelijke archiefregistraties.9
Andere goederen
Bruens bezit beperkte zich niet tot Abroeck. Hij wordt in het familieonderzoek verbonden met onder meer Wickeren bij Uedem, het Schopsengoed bij Sonsbeck, Overelve, Kleynvordt bij Goch, ten Elzen te Hülm en het Heydensche Water. De totale oppervlakte van zijn landbezit is in de Loo-Kroniek op ruim 200 hectare gereconstrueerd.10
Voor Kleynvordt beschikken we bovendien over een bron buiten de Loo-Kroniek. In de wetenschappelijke regestenuitgave van het archief van Schloss Wissen wordt bij een akte van 10 oktober 1436 aangetekend dat dit goed later aan Eitgen van Gruisbeck bij haar huwelijk met Bruen van Loe, Bastard werd meegegeven en na hun overlijden door hun kinderen werd verkocht.11 Dat vormt een nuttige onafhankelijke bevestiging van zowel hun huwelijk als de verbinding van het echtpaar met Kleynvordt.
Vrijspraak in een doodslagzaak
Volgens het in de Loo-Kroniek gepubliceerde onderzoek werd Bruen op 16 maart 1497 door de hertog van Kleef vrijgesproken van betrokkenheid bij de dood van Sander van Hegenrade. Ook Johan van Groesbeeck en Rutger Kretier worden met deze zaak in verband gebracht.12
Voor deze gebeurtenis is in de hier geraadpleegde externe digitale bronnen nog geen zelfstandige tweede bevestiging gevonden. Daarom blijft de Loo-Kroniek voor dit onderdeel voorlopig de directe onderzoeksbron.
Zegel en gebroken wapen
Bruen gebruikte als richter een eigen zegel met de bekende Loe-kram, maar in afwijkende vorm: binnen de grote kram stond een kleinere kram. In de familiepublicaties wordt deze breuk geïnterpreteerd als een zichtbaar onderscheid tussen Bruen en de wettige adellijke lijn, terwijl tegelijk zijn verwantschap met Van den Loe herkenbaar bleef.13
Dat deze dubbele kram daadwerkelijk als Bruens wapen wordt beschouwd, wordt ook in de huidige documentatie van het Loo-Archief bevestigd. De precieze juridische betekenis die eraan wordt toegekend blijft echter een heraldische interpretatie en moet niet worden voorgesteld alsof Bruen zelf die betekenis schriftelijk heeft verklaard.14
Huwelijk met Itgen van Groesbeeck
Bruen trouwde met Itgen (Ida) van Groesbeeck. De verbinding is niet alleen uit latere genealogische reconstructies bekend. De gepubliceerde regesten van het archief van Schloss Wissen noemen Eitgen van Gruisbeck uitdrukkelijk als echtgenote van Bruen van Loe, Bastard in de toelichting bij de geschiedenis van Kleynvordt.11
Itgen overleefde Bruen. In het familieonderzoek wordt haar overlijden geplaatst tussen 1514 en 7 december 1519. Samen kregen zij minstens acht bekende kinderen:
- Herman van den Loe, overleden omstreeks 1516.
- Johan van den Loe (de oudste), geboren omstreeks 1475; voortzetter van de hoofdstam Loe-Abroeck.
- Johan (de middelste), geestelijke en vicaris te Weeze.
- Johan (de jongste), die naar Lijfland trok in dienst van de Duitse Orde.
- Wessel van Abroick nat. Loe, priester, momber te Holte en vicaris te Goch.
- Seger van den Loe, priester en kanunnik te Kleef.
- Mechtild van den Loe, gehuwd met Herbert Ernst.
- Gertruid van den Loe.
Een bewuste familiepolitiek?
Meerdere zonen kozen een geestelijke loopbaan. In de Loo-Kroniek is geopperd dat dit kan hebben geholpen om de belangrijkste goederen zo veel mogelijk binnen één erfopvolgingslijn bijeen te houden.15 Dat is mogelijk, maar het bewijs voor een bewust door Bruen en Itgen uitgestippeld familieplan ontbreekt. Andere verklaringen voor de geestelijke carrières zijn eveneens denkbaar.
Overlijden en nalatenschap
Bruen overleed in of vóór 1509. Zijn historische betekenis voor de familie ligt in de combinatie van erkende afstamming uit het Huis Van den Loe, zijn eigen bestuurlijke positie te Weeze en het omvangrijke bezit dat hij aan zijn nakomelingen kon doorgeven. Met Itgen van Groesbeeck stond hij aan het begin van de niet-adellijke familietak die later de naamvormen Van de Loo, Van der Loo en verwante varianten zou voeren.
Bronnen en noten
- Secundair. Loo-Kroniek 48 en 49; voor de algemene plaats van Bruen als stamvader tevens Loo-Archief, Negen eeuwen familie van de(r) Loo.
- Secundair / archieftraditie. Loo-Kroniek 48, 49, 57 en 66; Schloss Wissen, historische pagina Bruen van Loe.
- Interpretatie. Loo-Kroniek 48 en 57. De moeder uit het geslacht Van Abroeck is een beredeneerde hypothese, geen hier aangetroffen expliciete contemporaine filiatie.
- Primaire bron via publicatie. De formuleringen natuerlicke Soen en bastart broeder zijn in Loo-Kroniek 48 en 57 uit historische akten aangehaald.
- Interpretatie. Loo-Kroniek 48 en 57, hypothese over de naam Bruno en de kartuizerverering van ridder Johan.
- Archiefonderzoek. Loo-Kroniek 48 en 57; de belening met Abroeck wordt daar verbonden met een bewaarde akte uit het archief van Wissen.
- Onafhankelijke institutionele bron. Schloss Wissen, Bruen van Loe, historische presentatie van de familie Von Loë en het goed Abroeck.
- Gepubliceerde oorkonde. Alfred Reimann, Die Urkunden des Klosters Graefenthal Vallis Comitis, oorkonde nr. 543, 13 november 1489, p. 1156–1157: Bruyn van den Loe, basterd, treedt op als richter te Weeze en medezegelaar.
- Archiefregesten. Landesarchiv Nordrhein-Westfalen / Archivportal NRW, regesten uit het Gräflich von Loeschen Archiv Schloss Wissen met meerdere vermeldingen van Bruyn vanden Loe als richter te Weeze.
- Secundair. Loo-Kroniek 48; aanvullende behandeling van Overelve en Kleynvordt in Loo-Kroniek 63.
- Wetenschappelijke regestenuitgave. Wolf-Rüdiger Schleidgen (red.), Die Urkunden des Gräflich von Loeschen Archivs von Schloß Wissen. Regesten, Band I: 1245–1455, regest nr. 474 en toelichting: Eitgen van Gruisbeck kreeg Kleynvordt mee in haar huwelijk met Bruen van Loe, Bastard.
- Secundair. Loo-Kroniek 48, behandeling van de vrijspraak van 16 maart 1497. Een zelfstandige tweede digitale bron is voor deze gebeurtenis nog niet vastgesteld.
- Heraldiek. Loo-Kroniek 48, 56 en 57, bespreking en afbeeldingen van Bruens zegel.
- Secundair. Loo-Archief, Wapen, bespreking van het aan Bruen toegeschreven wapen met dubbele kram.
- Interpretatie. Loo-Kroniek 48, hypothese over de geestelijke loopbanen van meerdere zonen en het bijeenhouden van familiebezit.
Geraadpleegde publicaties
- Loo-Kroniek 48, 49, 56, 57, 61, 63 en 66.
- Alfred Reimann, Die Urkunden des Klosters Graefenthal Vallis Comitis, 2013.
- Wolf-Rüdiger Schleidgen (red.), Die Urkunden des Gräflich von Loeschen Archivs von Schloß Wissen. Regesten, Band I: 1245–1455.
- Landesarchiv Nordrhein-Westfalen / Archivportal NRW, digitale regesten van het Gräflich von Loeschen Archiv Schloss Wissen.
- Schloss Wissen, historische documentatie over de familie Von Loë en Bruen van Loe.